Kan het Hembrugterrein magie behouden bij herontwikkeling?

Eerder verschenen in het Parool >

Kan de magie van het Zaanse Hembrugterrein behouden blijven als op het fabrieksterrein projectontwikkelaars aan de gang gaan, dat is de vraag voor Bas Kinsbergen.

Bas Kinsbergen, vormgever en maatschappelijk ondernemer bij BIND

Bas Kinsbergen, vormgever en maatschappelijk ondernemer bij BIND

In de verkoopbrochure van het Hembrugterrein in Zaandam stuitte ik op een prachtige, onbedoelde, illustratie van de paradox van de herontwikkeling. Het terrein en de monumentale panden erop zijn eigendom van het Rijksvastgoedbedrijf. Het wordt begin volgend jaar in z’n geheel verkocht.

Op pagina 28 van de verkoopbrochure prijkt een foto van de prachtige oude perserij voor projectielen uit 1926. Statige verticale ramen in stalen kozijnen. Een grote kathedraalachtige hal met net onder de punt een rond raam. Een prachtige façade die uniek is voor een terrein als het Hembrug. Onder de foto spreekt wethouder Dennis Straat over een bijzondere plek waarvan we het karakter willen behouden.

Op de pagina ernaast gebeurt iets geks. Daar zien we een artist’s impression die de mogelijkheden van het terrein illustreert. Een 3D-model om potentiële kopers te inspireren. Strakke nieuwbouw met groene daken en veel glas. Veel bomen en her en der een beschermd exemplaar van de huidige bebouwing.

Een fraai beeld. Maar waar is de karakteristieke oude perserij gebleven? Het lijkt erop dat in de aantrekkelijke digitale fantasiewereld geen ruimte meer voor is ingeruimd. Want precies op die locatie heeft de illustrator twee blokjes geplaatst met groene daken en veel glas.

Uiteraard is dit gewoon een ongelukkige samenkomst van plaatjes. Maar beide afbeeldingen hebben als doel de waarde van het terrein te vertolken. En daar knelt de schoen ietwat, want wat is de waarde van een oude munitiefabriek? En is dit een waarde die een projectontwikkelaar kan verzilveren?

Afgebladderde verf
Na vijf jaar op het Hembrug kan ik concluderen dat alle bezoekers in ieder geval een hint van inspiratie voelen bij het zien van de verlaten industriële panden. De afgebladderde verf. De hoge imposante gebouwen.

Het zijn de in steen verankerde verhalen van de machtige industrie van weleer. De in stof gevangen energie van duizenden werkers die er dagelijks zwoegden. Het steen, staal en hout inspireert bezoekers en helpt die oude wereld te visualiseren.

En dan zijn er ook de creatieve geesten. Zij gaan onopzettelijk aan de haal met het terrein en visualiseren niet wat er ooit was, maar wat er zou kunnen komen. Moe van onze wereld, vol prefab, spaanplaat en gips, worden zij gegrepen door de resten van een tijd waarin er nog met liefde en aandacht werd gebouwd.

Niet alleen bezoekers, maar ook projectontwikkelaars dromen

Voor hen is ieder gebouw, object of stukje grond in potentie een plek voor creatie. Een reden tot dromen.

Financiële winst
Niet alleen bezoekers, maar ook projectontwikkelaars dromen. Ik heb er een aantal mogen ontmoeten die meedingen naar de koop van het Hembrug. En het zijn net mensen. Ook zij worden gegrepen door de magie van het terrein en voelen dezelfde inspiratie.

Maar dat zijn de plannenmakers, de visieschrijvers. Zij hebben uiteindelijk te dealen met enorme krachten als financiële winst, regelgeving en politiek. Waar ligt de balans?

Wat gebeurt er als de tijd van dromen voorbij is en zo’n terrein echt ontwikkeld gaat worden? Als de ruimte voor idealen wordt verruild voor ideeën en de ruimte voor creativiteit wijken moet voor creatie. Is de magie er dan nog en vertelt het terrein nog steeds zijn verhaal?

Een terrein als het Hembrug inspireert. Door de magische energie die er hangt wil je hier creëren. Je wilt hier ontwikkelen en het terrein een nieuwe functie geven. Maar hoe zorg je ervoor dat die ontwikkeling de magie niet om zeep helpt? In het herontwikkelgeweld kun je zomaar eindigen met een niet meer zo bijzondere plek.

Begin januari wordt bekend wie de nieuwe eigenaren worden van het Hembrugterrein in Zaandam. Ik wens hen veel inspiratie en visie om deze paradox te lijf te gaan.